» Actueel » Nieuws 
De brandende braamstruik De brandende braamstruik

In zijn tweemaandelijke column 'Asjemenou!' schrijft zangliefhebber Arnold Rietveld onder de titel 'De brandende braamstruik' weer een bijzondere ervaring.

Op een woensdagmiddag stond een groep cursisten te wachten op de komst van de cursusleidster, een welbekende deskundige op haar terrein. Zij bleek echter haar afspraak met ons vergeten te zijn. De cursisten die van ver waren gekomen eisten dat de cursusbijeenkomst moest doorgaan. Via Skype zou de cursusleidster tot ons kunnen spreken. Ondanks al die technologie werd haar ‘wijze’ boodschap en informatie vervormd door een niet optimale geluid- en beeldverbinding. Hele lettergrepen verdwenen uit haar betoog en de cursisten raakten in een steeds grotere verwarring.

Op zo’n moment denk ik aan die Oudtestamentische tijden dat God via een brandende braamstruik tot Mozes sprak. We vinden techniek vaak eng omdat wij er afhankelijk van zijn. In één van de kathedralen van Utrecht heb ik meegemaakt dat het gezang bij het binnendragen van de paaskaars aan en uit knetterde via de luidsprekers. Op zo’n moment lijkt het wel alsof de verbinding net zo kwetsbaar is als met de astronauten die in de Apollo-3 capsule in een baan om de aarde benauwde momenten beleefden.

Steeds meer kerken steunen op geluidsinstallaties bang als zij lijken te zijn dat de boodschap niet duidelijk overkomt als deze niet versterkt wordt. De boodschap lijkt mij vaak niet het probleem, maar de boodschapper. Niet lang geleden was ik bij een korenfestival waar de muzikanten uit een gospelband te laat waren voor de soundcheck en hun lofprijzing net zo rauw en gepassioneerd klonk als dat van een band die in het Wembley-stadion optrad.

In de stad Utrecht zijn er onder de gotische en romaanse gewelven (kerk)koren die zonder geluidsversterker kunnen optreden. Maar wat als je de ‘comfort-zone’ verlaat van de prachtige akoestiek onder die gewelven? Het overkwam het projectkoor dat op 4 juli zong in een oecumenische openluchtviering op het Nicolaïkerkhof ter gelegenheid van de Tour de France. Het koor had tweemaal gerepeteerd in de Nicolaïkerk en zong haar lofprijzing zonder geluidsversterkers. Het moest qua volume opboksen tegen het geluid van een brassband dat het koor begeleidde. Wie ooit de ervaring gehad heeft buiten op te treden weet dat het geluid meestal vervliegt. Het projectkoor stelde zich achter stoelenrijen op die uitkeken op het buitenzijde van de kerk naast de hoofdingang. De akoestiek van het plein zou verder de rest doen. Maar tijdens de generale repetitie waren er storende geluiden zoals van een motor of bromfiets dat als een hinderlijke bromvlieg bleef rondzwermen. De sprekers bij deze openluchtviering hadden wel een geluidsversterker nodig. In de achtergrond hoorden wij het geluid van de menigte die de wielrenners bij hun individuele tijdrit toejuichte. Soms zwol het gejuich tot een crescendo aan. Je vroeg je als deelnemer af of de boodschap tussen de kakofonie van geluiden de aandacht wel zou trekken.

Het moment dat het koor in de avond aantrad voor de openluchtviering wachtte ons een verrassing. De stoelenrijen waren allemaal bezet en tientallen mensen volgden zittende of staande de openluchtviering. Er hing een eerbiedwaardige stilte op het plein. De hobbels van de generale repetitie waren zowel door de voorgangers als de koorzangers overwonnen en iedereen – verrast door de komst van velen – voelde zich verantwoordelijk de boodschap goed neer te zetten zowel in woord als gezang. Het was de bedoeling dat de boodschap zich zou openbaren aan de bezoekers en de passanten. Er was geen brandende braamstruik voor nodig. Alleen goede boodschappers met of zonder geluidsversterking. Nadat de viering was afgelopen bleven verschillende projectzangers en aanwezigen rondhangen met iets van: “Wat was dit een passende afsluiting”. En zo gingen velen van ons tevreden en voldaan de vakantietijd in.

terug